Home Lage temperatuur verwarming
 
Lage temperatuur verwarming E-mailadres

Van een lage temperatuur verwarmingssysteem (LT-systeem) wordt gesproken als de aanvoerwatertemperatuur niet hoger is dan 55°C en de retourwatertemperatuur maximaal 45 °C. In de installatiepraktijk wordt ook wel onderscheid gemaakt in hoge temperatuur, midden temperatuur, lage temperatuur en zeer lage temperatuursystemen. De aanvoerwatertemperaturen zijn dan respectievelijk maximaal 90, 70, 55 en 35°C.

In Nederland is de keuze van ontwerptemperaturen voor centrale verwarmingssystemen vrij. Vaak wordt automatisch gekozen voor een traditionele aanvoerwatertemperatuur van 90°C en een retourtemperatuur van 70°C. En dit terwijl lage temperatuursystemen - met aanvoertemperaturen van zo´n 55°C en retourtemperaturen van ca. 40°C efficiënter zijn. Om in vertrekken een gewenste comforttemperatuur van rond 20 °C te bereiken, is een ontwerptemperatuur van 70°C niet beslist nodig. LT-systemen brengen meerkosten met zich mee. Wanneer deze echter zorgvuldig en evenwichtig worden afgewogen, kunnen LT-systemen ook uit economisch oogpunt concurrerend zijn. De voordelen van LT-afgiftesystemen zijn legio: HR-ketels leveren in combinatie met LT-afgiftesystemen een hoger rendement, er treedt minder warmteverlies op in warmtedistributienetten en de efficiëntere inzet van duurzame energiebronnen als zonne-energie en aardwarmte komt binnen bereik. Om de energiebesparende toepassing van warmtepompen mogelijk te maken is een LT-afgiftesystemen zelfs een voorwaarde.

Ook voor warmtepompen heeft de aanvoertemperatuur invloed op het opwekkingsrendement van het toestel.

Hoe lager de temperatuur van het water dat het opwekkingstoestel verlaat, des te hoger het opwekkingsrendement. In de meeste gevallen is dat 35°C.

Met name ten aanzien van thermisch comfort (homogenere temperatuurverdeling, lagere luchttemperaturen, minder tocht) en luchtkwaliteit (minder mijten) presteren LT-systemen in het algemeen beter dan traditionele systemen. Door de lagere temperatuur zijn er minder luchtbewegingen/turbulentie, waardoor ook minder zwevende stofdeeltjes in de lucht zijn. Traditionele radiatorsystemen worden heet (tot 90 °C), met dus een verhoogd risico op verbranding van de huid. Bij LT-systemen is dit risico vrijwel nihil.

Vloer- en wandverwarming zijn goed inzetbaar om in de zomer in beperkte mate in koeling te voorzien, met name systemen met thermische buffering zijn geschikt voor toepassing van energie-efficiënte koeling.

Daarentegen kunnen de kosten hoger uitvallen. Bij wand- en vloerverwarming is er een verhoogde kans op discomfort in de buurt van ramen, ten gevolge van koudeval. Door toepassing van HR-glas soorten (bij voorkeur HR+ of HR++ glassoorten, kan dit echter afdoende worden ondervangen.

Als onder ramen geen extra stroken (vloerverwarmingbuis dichter op elkaar) met verwarming worden aangebracht, dient aan de afmetingen van ramen en glazen puien extra aandacht te worden besteed aan het voorkomen van koudeval. Bij vloer- en wandverwarming is bovendien sprake van lagere opwarmsnelheid, meer transmissieverlies en extra transportenergie.

Bron; Centernovem. Of kijk bij: http://bomaraardwarmte.nl/

 
Gerealiseerd door Studio Staalkaart